TwweeT en de kleine dingen

woensdag, april 15, 2009

Hollen
We hebben het druk. We plannen, vergaderen, feesten, eten, doen aan cultuur, sporten en ontmoeten. We ademen niet. Of amper. We puzzelen met afspraken, willen niets missen. We zijn gulzig, slorpen alles op maar zijn even snel weer uitgedroogd.
Onze grootste nachtmerrie: een lege plek in onze agenda. Een dag die we helemaal zelf moeten vullen, waarop we helemaal alleen zijn met onze twijfels. We hebben nog een lange weg te gaan. En we weten het.

woensdag, april 01, 2009

Slapen en dromen
Zij: Heb jij last van het zomeruur?
Ik: Een beetje, ik vond het moeilijk om op tijd te gaan slapen.
Zij: Oh, ik niet, ik vind het heerlijk. Maar ik slaap altijd slecht.
Ik: Ja?
Zij: Ja, ik word heel vaak wakker 's nachts. Mijn klokradio moet ik zelfs wegzetten, ik kan dat niet zien. Die cijfertjes, dat blijven euro's voor mij.

Ik was een klant, zij de dame aan de kassa.

dinsdag, maart 10, 2009

Afscheid
Zelden knuffelde ik zoveel mensen als vorige zaterdag. Mijn zussen, broer, een vriend, een vriendin, tantes, nonkels, een paar nichtjes en twee stoere neven. Zelfs mijn veertienjarig neefje bij wie het me nog nooit lukte hem een kus te ontfutselen, wilde nu wel een knuffel. “Vandaag is een rare dag, vandaag mag dat”, zei hij. En hij had gelijk. Zaterdag was vooral een trieste dag die we samen toch een beetje warmer maakten.

maandag, november 10, 2008

Woorden
Ik ging op zoek naar de mooiste woorden. Woorden die geen schrammetje pijn zouden doen. Ik wilde zinnen die troosten, begrijpen en meevoelen. Woorden die warmte en houvast bieden. Ik hoopte dat mijn woorden toedekten wat koud had, verzorgden wie pijn leed.
Ik zocht, proefde, oefende en twijfelde. Geen enkele zin leek mooi genoeg, geen woord bood troost. Ik gaf het op en besloot er te zijn en te luisteren.
Het was alles wat ik kon. Ik wist dat mijn oren en armen niet de troost boden waarvoor ik woorden zocht. Daarvoor was het verdriet te groot.

zaterdag, november 01, 2008

Handschoenen
Net als ik graaide de vrouw in de bak met handschoenen. Ze was de tachtig al lang voorbij en leek me erg broos. "Hebben ze geen kleinere modellen?" vroeg ze aan mij. Ik keek in haar roodomrande ogen en zag een perkamenten huid. "Ik weet het niet", antwoordde ik naar waarheid. "Deze zijn allemaal veel te groot voor mij." Ze strekte haar hand naar me uit. Ik zag rimpels en een donkere vlek. Ze gebruikt bloedverdunners, dacht ik. Die vlekken had ik ook gezien bij mijn grootvader. "Vroeger woog ik honderd kilo, toen had ik die handschoenen zonder problemen kunnen passen. Nu weeg ik exact de helft, zag ik toen ik vanmorgen op de weegschaal ging staan." Ze lachte, ik grinnikte.

donderdag, oktober 23, 2008

Nieuw
Gisteren zijn we onze nieuwe auto gaan bewonderen. Best een klasbak, moesten we toegeven. ’t Is een grijze geworden, met een ietwat apart design. Splinternieuw, dat zagen we zo. En handig leek ons die nieuwe ook wel. Ja, we waren tevreden met ons nieuw karretje. En rijk dat we ons voelden: we hebben nu al drie bordeaux en twee grijze vehikels tot onze beschikking. Al zijn ze dan niet echt van ons en kunnen we er enkel gebruik van maken, een nieuw autodeel-voertuig, voelt toch een beetje als een nieuwe auto.

vrijdag, oktober 10, 2008

Seizoen
Ik mik mijn voorwiel van blad naar blad. Krikkrak, klinkt het. En opnieuw: krikkrak. Een fijn geluid. Ik koester me in de laatste warme zonnestalen en kruip ’s avonds onder mijn dikste donsdeken. Lekker warm, twee keer. Ik adem witte wolkjes en luister naar de regen op het dak. Het deert me niet, binnen is het droog en warm. Ik kuier door de straten en langs het water en ruik: herfst. Ik geniet. Een herfstkind, dat ben ik.

donderdag, oktober 02, 2008

Brokken
Het is al om zeep. Ondanks alle waarschuwingen, ondanks mijn oplettendheid.
Drie maanden zit ik nu op mijn nieuwe stek en ook hier heb ik brokken gemaakt. Serieuze brokken. En ik weet dat er geen weg terug is, vanaf nu zal het nog meer bergaf gaan.
Zo ging het op mijn vorige plek ook. Toen ik er vertrok, kreeg ik een cadeau: de zitting van mijn oude bureaustoel inclusief groot gat. Dat had ik eigenhandig gemaakt. En daarmee ben ik nu ook bezig. Rechts vooraan vertoont mijn stoel al een flinke sleetplek. De volgende stap ken ik al: de mousse die beetje bij beetje te voorschijn komt en in gele pulkjes op de grond terecht komt. Mijn oude collega’s hadden mijn nieuwe collega’s gewaarschuwd. Dat ze met mij flink in de kosten zouden vallen, dat hun materiaal niet veilig zou zijn in mijn handen. Of beter gezegd, mijn voeten. Want de schuldige is mijn linkervoet. Ik ben immers een 'beenzitter', linkervoet onder rechterbeen. En daartegen blijken bureaustoelen niet bestand.

dinsdag, september 30, 2008

Jij wordt kwaad, ik verdrietig.
Jij schreeuwt, ik zwijg.
Jij bent aanwezig, ik afwezig.
Zo gaat het altijd, wie jij ook bent.

zondag, september 28, 2008

Zus
Ze had wat te veel gedronken, maar dat mocht. Ze praatte te luid en was af en toe behoorlijk direct. Maar dat kon geen kwaad. Het was immers feest, ze mocht zich amuseren.
Ze wist heel goed dat het feest ook voor haar grote gevolgen zou hebben.
"Voortaan heb ik de slaapkamer voor mij alleen. Kan ik vriendjes uitnodigen die in dat lege bed kunnen slapen - zogezegd hé."
En plots werd ze triest.
"Dat gaat toch heel vreemd zijn, dat ze vanaf nu echt ergens anders zal wonen. Dat we haar niet zo vaak meer zullen zien. Dat we bij haar op bezoek moeten." Ze sprak de woorden als waren het vieze gerechten die ze niet lustte. "En dan moeten we haar drie kussen geven en een cadeauje meenemen. Dat is toch raar." Dat haar zus trouwde, daar kon ze zich mee verzoenen. Maar dat ze nu ook een beetje afscheid moest nemen, viel haar zwaar.

donderdag, september 25, 2008

Stad
Na een laatste kus draai ik me om en loop door de koude stad naar huis. Zij gaan hun weg, ik de mijne. Ik passeer donkere etalages, het lukt me niet de prijs van het sjaaltje te onderscheiden. Het is stil op straat. Af en toe vang ik een flard voetbalgezang op. Al lijkt het niet zo, de zangers moedigen hun ploeg toe aan de andere kant van de stad. Hier is niemand. Mijn voetstappen en ik. En mijn hoofd vol gedachten. Thuis lijkt ver weg.

vrijdag, augustus 22, 2008

Kijken
Ik hou mijn ogen open en mijn adem in. Gefascineerd kijk ik om me heen. Overal blauw en heel wat te zien. Spartelende voeten, zwoegende lijven en daar in de diepte ligt iets te blinken. Ik kijk naar de trage bewegingen van het lijf links van me en de luchtbelletjes in de verte. Ik bewonder efficiënte halen en gespierde bovenlijven. En dan steek ik mijn hoofd opnieuw boven water. Bijna vergeet ik adem te halen.

maandag, augustus 18, 2008

Wat je doet en waar je bent
Waarover je leest en wat je vergeet
Wanneer je gelukkig bent en wanneer je treurt
Hoe mooi je woorden zijn en wie ze hoort
Wat je ziet en hoe de regen valt
Aan wie je denkt en hoe dat voelt

vrijdag, augustus 08, 2008

Interview
"Dat is eigenlijk een beetje gek", zei ze. "Nu weet jij alles over mij en ik niets over jou." Ze had gelijk, dat was immers het opzet van onze ontmoeting. Zo had ik het trouwens het liefst. "Niet verder vertellen hé", vroeg ze. Dat kon ik haar niet beloven, maar ik verzekerde haar dat ik er een mooi verhaal van zou maken.
"We kunnen nog eens afspreken en dan mag jij de vragen stellen", opperde ik. Haar vragen had ik best wel willen beantwoorden. Deze keer had ik het gevoel 'jij bent een toffe, wij zouden vriendjes kunnen zijn'.
"Dat is goed, dat doen we!" En ze plantte een kus op mijn wang.

vrijdag, augustus 01, 2008

Plaats
“Dat is jouw plaats”, zei hij. Het klonk als een bevel, ik besefte dat ik geen keuze had. Hij wees naar een lege plek aan de zijlijn, ver bij hem vandaan. “Ik hoop dat je deze wedstrijd wint”, zei ik net voor ik van het veld stapte. Maar de plek die hij me had toebedeeld, liet ik links liggen. Ik koos voor een plaatsje in de schaduw, ver bij hem vandaan en helemaal uit het zicht. Uit zijn zicht.

woensdag, juli 30, 2008

Steen
De trein. Als altijd. De vrouw tegenover me leest een boek, de man aan het raampje luistert naar zijn IPod en staart naar buiten. Een meisje eet een appel en tracht te achterhalen welk boek de vrouw leest. Dagelijkse kost, niets bijzonders.
Behalve dan die bebaarde man naast me. Heel voorzichtig haalt hij een pakketje uit zijn rugzak. Hij maakt het bruine papier los en schuift de noppenplastic weg. Er komt een steen tevoorschijn. Grijs, gebobbeld, hier en daar putjes, een ondefinieerbare vorm. Een grote paardendrol, verder kom ik niet. De man schuift het voorwerp heen en weer, bekijkt het langs alle kanten. Hij haalt een notaboek en een pen tevoorschijn en begint verwoed te schrijven. Opnieuw bekijkt hij de steen. Aan de onderkant ontwaar ik een nummer, maar verder kan ik er niets van maken. Hij betast en bestudeert en schrijft een pagina vol, alsof hij het voorwerp helemaal doorgrond heeft. Voor mij blijven de steen en de man echter een mysterie.

dinsdag, juli 29, 2008

Hier was ik


Thuis
En dan stap je je eigen huis weer binnen. Na zestien dagen andere oorden, kom je weer thuis. Of toch niet. Je woonkamer lijkt groot en leeg. Je eettafel staat op een gekke plaats. Zo groen is je terras nu ook weer niet. En die keuken, lagen al die rommeltjes daar altijd al? Was het hier echt niet gezelliger? Thuiskomen, vergt blijkbaar heel wat tijd.

donderdag, juli 03, 2008

Dingen...
die ik de voorbije dagen kreeg, zomaar.
- een beker sangria in het park,
- een knuffel van een Nederlandse vrouw die ik nooit eerder had gezien en ook nooit meer zal zien,
- een voorconcert van REM (voor het eigenlijke concert betaalde ik natuurlijk wel),
- een lief kaartje uit een ver land.

dinsdag, juli 01, 2008

Basiel
Basiel, hebben we het katje gedoopt. Dat vonden we de beste naam voor het schepsel. Nee, niet alleen een mooie naam, vooral een toepasselijke naam. Basiel moest immers nog net niet naar het asiel.
Pikzwart met vier witte sokjes en een wit neusje. Negen weken onbeholpenheid. Uberschatje. En toch heeft het schatje bitter weinig geluk in dit leven.
Basiel arriveerde op een feestje in een chique draagmand en werd vergezeld van een praktische kattenbak en voer voor vier weken. Een fantastisch cadeau voor de jarige. Zij beweerde immers al jaren dat ze een kat wilde. Maar de jarige weigerde haar cadeau, ze wilde geen poes meer. Het paste niet in haar huis en nog veel minder in haar leven. Basiel spinde en miauwde, maar de jarige hield voet bij stuk. De laatste maanden had ze toch duidelijk gemaakt dat ze van idee was veranderd? En dus verdween Basiel opnieuw in z’n mandje en werd elders een onderkomen gezocht. Bij die ene vriendin die al een kat had, bijvoorbeeld. Ach, waar plaats is voor een, is ook plaats voor twee. Maar kat nummer een had het niet zo begrepen op Basiel. Ze gromde en blies en verdween zo snel mogelijk van het toneel.
Bij vriendin twee dan maar? Daar woonden al twee katten, die zouden het wel niet te moeilijk hebben met een extra poesje erbij. Verkeerd gedacht. Basiel was niet welkom. Klauwende poten, dreigend geblaas en hoog opgezette ruggen waren zijn deel. Misschien moet Basiel binnenkort toch naar het asiel…